En zo ben ik dan toch in Portugal beland.
Sterker nog: ik geniet er al een week van een prachtige nazomer! Op mijn favoriete strandcamping beleef ik tropische dagen.
De zeeën van mondkapjes, dat was wel even wennen. Men gaat er hier mee om, alsof men nooit anders heeft gedaan. Bij het binnenstappen van een établissement trekt men geroutineerd zo’n geval te voorschijn, dat in de buitenlucht in gebruik is als armband, oorring of halsversiering. Of er wordt er een te voorschijn gefrunnikt uit jas- of schortzak. En de anderhalve meter? Mm, het gaat… ‘s Lands wijs, ‘s lands eer, zo hou ik mezelf voor.
Mijn vlucht van Eindhoven naar Porto was in dit verband een ware vuurdoop. Tot mijn aanvankelijke verbijstering zat het vliegtuig barstensvol. Met gemaskerde passagiers, dat wel, maar het viel me niet mee om als vuurdoop twee-en-een half uur met mijn eerste exemplaar op mijn snufferd te zitten. Ademhalen wordt dan een speciale techniek. Maar ik heb geleerd: de modieuze exemplaren die ik als cadeautje heb meegekregen, van een attente buurvrouw en van mijn dochter, zijn weliswaar prachtig en heel origineel maar toch minder aangenaam dan de geplisseerde wegwerpexemplaren, die wat meer ademruimte bieden. Dat moet dan wel verklaren dat de in mijn ogen afschuwelijke lichtblauwe, die me steeds aan maandverband doen denken, met stip op één staan.